CV ketel bijvullen in 12 eenvoudige stappen

cv-ketel bijvullen

CV ketel bijvullen in 12 eenvoudige stappen

De gemiddelde werkdruk van een CV-ketel ligt tussen de 1,5 en 2 bar. Bij een lage druk van de CV-ketel (lager dan 1,0 bar) zal deze niet goed werken of uitschakelen. Bij een te lage druk zul je de CV-ketel moeten bijvullen. Het bijvullen van je CV-ketel kan je zelf doen of laten doen door een installateur. Wil je zelf je CV-ketel bijvullen? Lees dan verder.

 

Lees de handleiding van je CV-ketel

Nog voor het CV-ketel bijvullen dien je de handleiding van je CV-ketel te raadplegen. Dit omdat er allerlei soorten CV-ketels in omloop zijn en deze niet allemaal dezelfde handelingen vereisen. Wanneer in de handleiding geen afwijkende handelingen te ontdekken zijn kun je de onderstaande stappen volgen om het CV-ketel water bij te vullen.

 

Wat heb je nodig voor het bijvullen van je CV ketel?

Om de lage druk van de CV-ketel weer op normale waarden te krijgen zul je de CV-ketel moeten bijvullen met water. Wat heb je hiervoor nodig?

 

  • Allereerst heb je een vulslang nodig om je CV-ketel bij te vullen met water.
  • Een emmer en absorberende doek heb je nodig om het lekken van water op de grond te voorkomen.
  • Een waterpomptang is optioneel. Deze kan nodig zijn bij het aansluiten van de vulslang.

 

Hoe vul ik mijn cv ketel bij?

Stap 1:
Zet de thermostaat op de laagste stand (uit) en wacht minimaal 15 minuten, zodat het water in de leidingen tot stilstand komt.

 

Stap 2:
Heeft jouw CV-ketel een analoge drukmeter, haal dan de stekker uit het stopcontact. Laat de stekker in het stopcontact zitten als jouw CV-ketel een digitale display heeft.

 

Stap 3:
Pak een emmer en een absorberende doek.

 

Stap 4:
Sluit de vulslang aan op de waterkraan (De waterkraan vind je vlakbij je CV-ketel).

 

Stap 5:
Houd het uiteinde van de vulslang omhoog en draai de waterkraan voorzichtig open tot de slang tot de rand is gevuld, hierdoor zit er geen lucht meer in de slang.

 

Stap 6:
Sluit de waterkraan

 

Stap 7:
Bevestig de vulslang op de vulkraan van de CV-ketel.

 

Stap 8:
Draai de waterkraan open, draai vervolgens ook de vulkraan open.

 

Stap 9:
Wacht nu tot de drukmeter tussen 1,5 en 2 bar staat. Draai de vulkraan dicht, draai vervolgens ook de waterkraan dicht.

 

Stap 10:
Ontkoppel de vulslang en laat het water in de emmer lopen.

 

Stap 11:
Steek de stekker in het stopcontact om de CV-ketel weer aan te zetten.

 

Stap 12:
Ontlucht de radiatoren. Klik voor de 10 stappen bij het ontluchten van de radiatoren.

 

Aandachtspunten voordat je je CV-ketel gaat bijvullen

Ongelijkmatig snel oplopende druk

Merk je dat de druk van de CV-ketel ongelijkmatig snel oploopt? Dan kan dit erop duiden dat het expansievat defect is. Als dit het geval is kun je de CV-ketel tijdelijk niet gebruiken aangezien dit de schade alleen maar erger maakt. Je dient dit zo spoedig mogelijk te laten maken.

 

Lekke ontluchter

Dient de CV-installatie vaak te worden bijgevuld, maar mankeert er niks aan het expansievat? Dan kan het zijn dat het aan de automatische ontluchter van je CV-ketel ligt. Deze ontluchter kan lekken alleen zie je hier niks van. De hoge temperatuur van het ketelblok verdampt het lekkende water gelijk. Je kunt dit wel herkennen door kalkafzetting op de ontluchter of het warmteblok.

Hoogteverschil drukmeter en vulpunt
Hoogteverschil zorgt voor meer druk. Stel dat je vulpunt en drukmeter één of meer verdiepingen hoger of lager liggen dan de CV-ketel. In dit geval zal de drukmeter een afwijkende waarde geven. De vuistregel is dat iedere meter hoogteverschil zorgt voor 0,1 bar druk. Dus wanneer je CV-ketel bijvoorbeeld 3 meter hoger ligt dan de drukmeter zal deze 0,3 bar teveel aangeven.